Mondproblemen en gezondheidsrisico’s worden niet altijd duidelijk geuit, terwijl poetsen door uiteenlopende oorzaken complex kan zijn. Deze cursus biedt professionals een verdiepend kader om mondhygiëne inhoudelijk goed te beoordelen én verantwoord te begeleiden.
De cursus behandelt de belangrijkste medische, sensorische en gedragsmatige factoren die van invloed zijn op mondzorg. Je krijgt inzicht in hoe mondproblemen kunnen ontstaan, hoe deze zich uiten en welke risico’s aandacht vragen. Daarnaast is er aandacht voor verschillen tussen cliënten: wat iemand zelf kan, wat ondersteuning vraagt en hoe dit kan veranderen over tijd.
Een belangrijk onderdeel van de cursus is het methodisch denken rondom tandenpoetsen en mondhygiëne. Je leert hoe je problematiek analyseert, keuzes onderbouwt en adviezen vertaalt naar de praktijk. Daarbij staat jouw rol als deskundige centraal: het begeleiden en coachen van begeleiders en ouders, het afstemmen met andere disciplines en het tijdig signaleren wanneer opschaling of verwijzing nodig is.
Programma-opbouw
Ochtend – Verdieping en medische contextDe ochtend wordt verzorgd door een ervaren tandarts en richt zich op mondgezondheid bij mensen met een verstandelijke beperking. Aan bod komen veelvoorkomende mondproblemen, medische risico’s, pijnsignalen en de invloed van medicatie en algemene gezondheid. Je leert signalen herkennen die wijzen op onderliggende problematiek en krijgt duidelijke handvatten om te bepalen wanneer doorverwijzing noodzakelijk is.
Middag – Methodisch en coachend werken
In de middag staat de praktische en methodische vertaalslag centraal. Vanuit logopedisch en interdisciplinair perspectief leer je tandenpoetsen analyseren bij verschillende hulpvragen, waaronder problemen in de sensorische informatieverwerking, cognitieve beperkingen en medische belastbaarheid. Je leert hoe je een poetsaanpak opbouwt: wat kan de cliënt zelf, wat vraagt ondersteuning en hoe pas je materialen en technieken hierop aan.
Daarnaast is er veel aandacht voor het coachen van begeleiders en ouders. Hoe leg je uit wat belangrijk is? Hoe zorg je voor een haalbare aanpak op de groep of thuis? En hoe borg je continuïteit in de dagelijkse praktijk? Theorie, casuïstiek en praktische oefeningen wisselen elkaar af.


