interview
12 februari 2018

'Sensorimotor-psychotherapie is hardcore psychotherapie'

Psychotherapeut Anneke Vinke is gespecialiseerd in diagnostiek en behandeling van trauma en gehechtheidsproblemen, in het bijzonder bij geadopteerde of in pleegzorg genomen kinderen. Daarnaast is ze coördinator voor Sensorimotor Psychotherapy in Nederland. Waarom is zij zo enthousiast over deze lichaamsgerichte benadering?

Anneke Vinke
Anneke Vinke, psychotherapeut (fotografe: Leonie van der Locht van MUPH)

Hoe gebruik jij Sensorimotor-therapie en waarom?

'In mijn praktijk combineer ik reguliere behandelmethoden voor gehechtheidsproblematiek en trauma met andere vormen, zoals de levensverhaalbenadering van Dyadic Developmental Psychotherapy (DDP). Die zijn bij complexe problematiek echter niet altijd toereikend om een negatieve ervaring te kunnen verwerken. Ik werk bijvoorbeeld veel met kinderen die vecht-vlucht-vriesreacties vertonen, maar van wie het levensverhaal niet volledig bekend is. Dan is een positieve ervaring nodig om die negatieve ervaring uit het verleden naar de achtergrond te dringen. Met Sensorimotor Psychotherapy (SP) grijp je een beweging of een gebaar van de cliënt aan om hem dat in elke vezel te helpen voelen.'

Hoe werkt dat?

'Sensorimotor psythotherapie kijkt naar het lichamelijke verhaal, niet naar de feitelijke gebeurtenis.'

Anneke Vinke

‘SP kijkt naar het lichamelijke verhaal, niet naar de feitelijke gebeurtenis. Een beweging die je ziet bij een kind stel je - samen met de ouder - in een sessie centraal. Door die te herhalen en erbij te zingen of te praten zoals tegen een baby, ervaart het kind dat de angst en de ontregeling die bij de beweging horen niet meer nodig zijn. De laagste regionen in het brein komen dan tot rust. Ook bij volwassenen werkt het zo. Stel: iemand heeft een auto-ongeluk gehad waarbij hij vast is komen te zitten, en ervaart steeds weer een gevoel van beklemming en uit willen breken. Dan laat je hem zo’n niet-afgemaakte beweging heel langzaam een paar keer uitvoeren, zodat hij die in trauma vastgezette beweging kan doorbreken. Een act of triumph noemen we dat.’

Wat voor effect zie je bij je cliënten?

‘Iemand die een act of triumph heeft ervaren, gaat op wolken naar huis. Dat is een groot contrast met bijvoorbeeld een EMDR-behandeling: daar moeten mensen vaak dagen van herstellen. Met SP help je die ervaring ook te verankeren - bijvoorbeeld in een gebaar zoals even wrijven over de arm - om weer bij dat positieve gevoel te kunnen komen. Zo brengen cliënten de wijsheid die in hun lichaam zit naar het bewuste en zijn ze in staat zich staande te houden. Dat werkt, want je lichaam heb je altijd bij je.’

Waarom ben je zo enthousiast over deze vorm van psychotherapie?

‘SP is niet zomaar een serie oefeningetjes, maar echt hardcore psychotherapie. Het vraagt veel van je client centered basisvaardigheden, het kan alleen op maat en je moet voortdurend heel goed in de therapeutische relatie zitten. Ik vind het zo’n waardevolle toevoeging op andere therapievormen dat ik in 2013 volmondig ja heb gezegd toen Anniek Thoomes-Vreugdenhil, die SP naar Nederland heeft gehaald, mij bij haar pensionering vroeg het coördinatorschap van de SP-opleidingen in Nederland van haar over te nemen. Wetenschappelijke evidentie voor de effectiviteit is er nog weinig - die is moeilijk aan te tonen omdat het altijd om maatwerk gaat. Maar SP strookt helemaal met de laatste inzichten uit de trauma-, gehechtheids- en affectieve neurobiologie-theorie. Daarom maak ik me er graag hard voor.’

Wil je meer weten over sensorimotor psychotherapie?