Keuzemodules GZ K&J en GZ V&O

Binnen het GZ-curriculum volgen deelnemers in april van het tweede opleidingsjaar een keuzemodule. Zo bevordert de RINO Groep het gepersonaliseerd opleiden van haar deelnemers, rekening houdend met de al aanwezige kennis, kunde en ervaring. Alle modules staan gepland in de periode 28 maart t/m 15 april 2022. 

De vijftien keuzemodules zijn door de werkgroep Keuzemodules en in samenspraak met hoofddocenten en docenten ontwikkeld voor de GZ-opleiding. Bij de selectie van de onderwerpen hebben de verschillende curriculumcommissies van de GZ-opleiding een beslissende stem gehad. De gekozen onderwerpen sluiten aan bij de maatschappelijke ontwikkelingen in het vak GZ-psycholoog. Daarnaast sluiten de keuzemodules aan bij het niveau en de werksetting van zowel deelnemers GZ V&O als deelnemers GZ K&J. 


Hoe werkt het?

We vragen je om tussen 10 september en 24 september een top drie aan ons door te geven via het inschrijfformulier. Dit inschrijfformulier is vanaf 10 september beschikbaar op deze website.

Onze medewerkers maken op basis van de voorkeuren van alle deelnemers een definitieve indeling. De keuzemodules hebben een maximum aantal inschrijvingen. Indien er meer inschrijvingen zijn dan plaatsen, vindt er een loting plaats. Uiterlijk vier weken na sluitdatum ontvang je per e-mail bericht over je definitieve inschrijving.

Het aanbod bestaat uit de volgende vijftien modules: 

Inhoud
In bijna elke werkveld krijgen (GZ)-psychologen te maken met cliënten met een licht verstandelijke beperking. Soms is het IQ van een cliënt bekend maar veelal ook niet en merkt de behandelaar dat het traject niet opgestart wordt, niet lekker loopt en of te weinig resultaat geeft.  Mogelijkerwijs is er dan sprake van een verstandelijke beperking. Ook bij deze doelgroep is behandeling en diagnostiek heel goed mogelijk. Er kunnen goede resultaten geboekt worden, maar het behandelen van cliënten met een verstandelijke beperking vraagt een andere aanpak van start tot afronding. Door middel van een andere aanpak is het in veel gevallen niet nodig om door te verwijzen naar een gespecialiseerde behandelsetting voor de doelgroep cliënten met een verstandelijke beperking.
 
Tijdens de keuze module ‘Cliënten met een laag IQ: iedereen krijgt er mee te maken!’ wordt met de opleidelingen stil gestaan bij 3 onderwerpen die relevant zijn in de zorg en behandeling voor kinderen en jongeren met een lager IQ of een (licht) verstandelijke beperking: 

  • Het verleiden tot zorg of behandeling: Deze dag is gestoeld op de grondvesten van de bemoeizorg. Met elkaar wordt aan de hand van theorie en oefeningen gesproken over het ‘verleiden tot zorg’. Hoe doe je dat? Hoe vind je een ingang? Wat is de benodigde basishouding? Hoe motiveer je tot behandeling? Hoe maak je jezelf geliefd en bereikbaar
  • (cognitief gedragstherapeutische) behandeling bij cliënten met een licht tot matige verstandelijke beperking: Deze dag wordt aan de hand van theorie, oefeningen en filmmateriaal gekeken naar de toepassingsmogelijkheden van CGT bij mensen van alle leeftijden met een verstandelijke beperking. Er wordt onder andere gesproken over en geoefend met de benodigde aanpassingen tijdens en voorafgaand aan de behandeling, valkuilen tijdens de behandeling en het belang van een goede afronding en het belang van het betrekken van mensen uit het systeem van de cliënt.
  • Systeembehandeling: Het hebben van een ouder, kind of broer of zus met een verstandelijke beperking, is van invloed op het gehele gezin. Een beperking heb je niet alleen. Tijdens deze dag wordt aan de hand van theorie en oefeningen stil gestaan bij de invloed van een verstandelijke beperking op het gehele systeem en de rouwgevoelens die hierbij kunnen optreden. Tevens wordt gesproken over onderlinge relaties, communicatie en begrip of onbegrip voor elkaar. Tenslotte wordt gekeken naar het belang van het betrekken van het systeem bij individuele behandelingen en worden voorbeelden van kortdurende systeem interventies aangereikt die in de eigen praktijk kunnen worden toegepast.
Waarom kiezen voor deze module?
  • Bijna elke behandelaar of diagnosticus wordt in zijn werk geconfronteerd met mensen met een lager IQ of een licht verstandelijke beperking. Behandeling is goed mogelijk maar als de behandeling niet wordt aangepast, zal deze niet op gang komen, niet lekker lopen of geen resultaat geven. Dit leidt tot teleurstelling bij cliënten (die vaak al veel behandelingen hebben gehad) en mogelijk tot frustratie bij de behandelaar in kwestie. Deze keuze module geeft handvatten om deze teleurstelling en frustratie te voorkomen en ook deze groep cliënten te kunnen behandelen.
  • De module vormt een aanvulling op de lesdagen over verstandelijke beperking en sluit aan bij onderwerpen die op deze lesdagen behandeld worden. Het is niet noodzakelijk dat de betreffende lesdagen al gevolgd zijn.
  • De lesdagen worden gegeven door docenten met ruime ervaring in het werken met deze doelgroep waardoor er een scala aan praktijkvoorbeelden wordt gegeven en er ook ruimte is voor de eigen ervaringen van de opleidingen aan de hand van eigen casuïstiek.
  • De docenten worden geëvalueerd als ‘deskundig, enthousiasmerend’ en de lesdagen worden als zinvol ervaren waarbij de mix van werkvormen en de vele praktijkvoorbeelden als positief worden geëvalueerd.
Data en tijden
Dinsdag 29 maart, dinsdag 5 april en dinsdag 20 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docent (en) 
Kirsten Zwiers

Locatie
RINO Groep, Utrecht 


Interview

'Goede zorg aan mensen met een laag IQ gaat over aandacht, alertheid en het bieden van de juiste behandeling’

Femke Edelenbosch gaf in het verleden deze keuzemodule en vertelt erover: 'Werken met mensen met een laag IQ is complex, maar uitdagend. Juist daarom is het zo tof als dingen lukken en je je cliënten ziet groeien.'
Lees meer >

 

Inhoud
Deze keuzemodule biedt een integratief raamwerk voor interculturele diagnostiek en effectieve behandelinterventies voor vluchtelingengezinnen.

Cumulatieve stress als gevolg van traumatische ervaringen, gedwongen migratie en huidige sociale onzekerheden, vormt een verhoogd risico voor psychische problemen bij vluchtelingen. Voortdurende stress heeft schadelijke gevolgen voor de biopsychosociale ontwikkeling van het kind. Door hun eigen klachten ten gevolge van de traumatische ervaringen en bijkomende stressoren kunnen veel ouders onvoldoende emotioneel beschikbaar zijn voor hun kinderen, waar kinderen juist behoefte hebben aan bescherming, veiligheid en ondersteuning.

Een contextuele zorgvuldige diagnostiek is noodzakelijk om de problematiek in kaart te brengen en gerichte behandeldoelen te formuleren, met oog voor de culturele achtergrond, de bredere socio-politieke context en ontwikkelingsfasen. Wat zijn de voorwaarden voor effectieve traumabehandeling van een gevlucht kind en hoe integreer je die met gezinsbehandeling? Hoe versterk je de veerkracht van zowel het kind als gezin?

De eerste lesdag zal staan in het teken van individuele en relationele gevolgen van cumulatieve stress: contextuele en cultuur sensitieve diagnostiek. De tweede lesdag zal gaan over integratieve behandeling van kinderen en gezinnen. De laatste lesdag behandelt de therapeutische keuzes, knelpunten en het versterken van veerkracht.

Waarom kiezen voor deze module?
(vanuit eerdere evaluaties)

  • Hele interessante keuzemodule. Beide docenten hebben veel kennis en ervaring en gebruiken praktijkvoorbeelden. Bijzonder hoe de lessen praktisch relevant waren, terwijl weinig cursisten met vluchtelingen werkten. Het ging veel over je basishouding, communicatie, interesse en openheid.
  • Inspirerend. Veel gebruik van praktijkvoorbeelden, dat is leerzaam en geeft meer inzicht in de mogelijkheden om de kennis vorm te geven in de praktijk.
  • Mooie verdiepende cursus. Zowel op kennisgebied als vaardigheden gebied bracht het me veel. Deskundigheid en expert positie van docenten was inspirerend.
Data en tijden
Donderdag 31 maart, donderdag 7 april en donderdag 14 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docent (en) 
Marloes de Kok en co-docent 

Locatie
Engels Conference & Meeting Centre, Rotterdam

 

Inhoud
Patiënten die de ggz binnen komen krijgen niet alleen te maken met specifieke behandelvormen (exposure, gedragsactivatie, ervaringsgerichte oefeningen, uitdagen van disfunctionele overtuigingen, etc.) die moeten helpen om hun klachten en problemen te verminderen. Ze krijgen ook te maken met specifieke hulpverleners die deze behandelvormen op hen toepassen. Die behandelvormen hebben altijd ook een belastende component: patiënten worden uitgenodigd om naar schaamtevolle kwetsbaarheden van zichzelf te kijken, om verkeerde gewoonten die houvast boden los te laten, om onaangename risico’s te nemen, etc. Specifieke persoonskenmerken en gedragingen van de hulpverlener (leeftijd, geslacht, opleidings- en opvoedingsachtergrond, ervaringsjaren, mens- en wereldbeeld, religieuze, culturele, etnische afkomst, omgangsstijl etc.) beïnvloeden de manier waarop specifieke behandelvormen door patiënten worden ontvangen.

Hulpverleners proberen meestal om op menselijk vlak zo goed mogelijk bij de patiënt aan te sluiten. Dat is immers de beste manier om het vertrouwen van de patiënt in de aangeboden behandelvorm te winnen en om de samenwerking van de patiënt op het gebied van behandeltaken en behandeldoelen zo goed mogelijk te garanderen. De mate waarin de hulpverlener de aansluiting weet te maken wordt vaak gezien als bepalend voor de kwaliteit van de behandelrelatie.

Behandelrelaties zijn niet alleen voorwaardenscheppend om de eigenlijke behandelvormen hun werk te kunnen laten doen. Het therapeutisch hanteren van de behandelrelatie gaat een wezenlijke stap verder dan dat: de communicatievormen en -patronen tussen patiënt en hulpverlener zoals die zich tijdens hun  behandelcontacten vaak verhuld (“voelbaar, maar moeilijk tastbaar”) voordoen zijn hier het speerpunt van de behandeling. Het doel van deze manier van therapeutisch werken is om (1) patiënten meer zicht te geven op de onbedoelde en ongewenste effecten van hun aangeleerde, disfunctionele gewoonten om zich met anderen te verbinden, alsmede (2) om hen te helpen meer functionele gedragsalternatieven te ontwikkelen. De hulpverlener gebruikt zichzelf (eigen gevoelens, gedachten, fantasieën, actietendenties) daarbij als diagnostisch en therapeutisch instrument. Het uitspreken van hoe de communicatie van de patiënt over komt (meta-communicatie) is een belangrijke therapeutische interventie, evenals de exploratie van wat het doen en laten van de hulpverlener bij de patiënt aan gevoelens, gedachten, fantasieën en actietendenties teweeg brengt. Deze manier van werken is vooral aangewezen bij patiënten(groepen) die de spreekwoordelijke ‘uitdaging’ vormen voor hulpverleners binnen de ggz.

In deze module leren cursisten zichzelf als (a) diagnostisch en therapeutisch instrument in te zetten en leren zij (b) behandeltaken en behandeldoelen “uit te onderhandelen” met de patiënt. Het zichzelf leren gebruiken als diagnostisch instrument wordt ondersteund door eenvoudige zelfbeoordelingsschalen voor hulpverleners, waarmee cursisten in deze module vertrouwd worden gemaakt. De module is sterk praktijkgericht. Cursisten wordt gevraagd om eigen lastige casuïstiek (moeilijk lopende behandelingen) in te brengen. In een veilig leerklimaat wordt met behulp van rollenspeloefeningen geprobeerd zicht te krijgen op wat er stroef of vast loopt in de communicatie, en hoe dat mogelijk anders kan.

Data en tijden
Maandag 28 maart, maandag 4 april, maandag 11 april 2022 of 
Vrijdag 1 april, vrijdag 8 april en maandag 15 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Anton Hafkenscheid
Guido Machielsen

Locatie
RINO Groep, Utrecht

Interview

‘Steeds vaker gedraagt de patiënt zich niet zoals het behandelprotocol voorschrijft’

Anton Hafkenscheid vertelt over de keuzemodule die hij samen met Guido Machielsen verzorgt: 'Deelnemers leren hoe je als hulpverlener omgaat met mensen die sceptisch zijn of weerstand voelen tegen bewezen effectieve technieken.'
Lees meer >

 

Inhoud
Uit onderzoek is gebleken dat mensen die geluk belangrijk vinden en het expliciet proberen na te streven, dat juist moeilijker bereiken en zich eenzamer voelen dan mensen die dit niet doen.

Geluk wordt hierbij gezien als de aanwezigheid van positieve en de afwezigheid van negatieve emoties.
In de huidige hulpverlening wordt - impliciet - nog altijd uitgegaan van dit geluks-uitgangspunt. De huidige behandelprotocollen bevatten veel technieken gericht op het afkomen van klachten als angst en depressie. Hoewel ze zeker kunnen helpen, helpen ze niet iedereen en vallen mensen vaak terug.

De laatste jaren is in de gedragstherapie ook een verrassend ander perspectief op geestelijke gezondheid en geluk ontwikkeld wat uitgaat van de veronderstelling dat psychologische pijn een onlosmakelijk deel van het menselijk bestaan is en een eigen plek verdient.

In Acceptance and Commitment Therapy is het ruimte maken voor ongemakkelijke emoties en de strijd hiertegen staken, een belangrijke voorwaarde voor het daarna opnieuw kunnen kiezen voor activiteiten die er werkelijk toe doen.
In de cursus ACT zult u zelf ondervinden dat dit ‘ruimte maken’ iets geheel anders is en veel meer omvat dan het simpele advies ‘het accepteren’, aangezien accepteren niet iets is wat u kunt ‘doen’. En toch is het een vaardigheid die geleerd kan worden.

Doel
In deze cursus is het allereerst de bedoeling om de 6 verschillende kernprocessen van ACT zèlf te ervaren door middel van experiëntiële oefeningen, verhalen, metaforen en paradoxen.
Deelnemers worden aangemoedigd op zoek te gaan naar nieuwe ervaringen die iets buiten de eigen comfort-zone liggen. Dit is belangrijk omdat ACT niet zozeer in eerste instantie een beroep doet op ‘begrijpen’ en ‘technische therapeutische vaardigheden’, maar meer een andere manier van in het leven staan is die nieuwe perspectieven opent. Vanuit deze eigen ervaring kunnen de processen beter overgedragen worden aan cliënten.

Data en tijden
Woensdag 30 maart, woensdag 6 april en woensdag 13 april 2022 of
Donderdag 31 maart, donderdag 7 april en donderdag 14 april 2022 
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Paul Korsten
Gert-Jan Prosman
 
Locatie
RINO Groep, Utrecht


Interview

'Gedragstherapie is lang gedragstechnologie geweest’

Paul Korsten vertelt over de keuzemodule die hij samen met Gert-Jan Prosman verzorgt: 'Mensen - dus ook deelnemers en cliënten - zitten vrij veel in hun hoofd. ACT nodigt uit om het sturende hoofd opzij te zetten.'
Lees meer >

 

Inhoud
Crisisinterventie is de veiligheidspin van de GGZ; zonder goede acute zorg en crisisinterventie is adequate behandeling onmogelijk.  Diagnostiek en behandeling van suïcidale crises is er een belangrijk onderdeel van.

In de lessen zal het accent liggen op een verdieping van kennis en verwerven van vaardigheden in acute interventies gericht op suïcidaliteit, agressie en acute psychosen (‘verwarde mensen’). Je leert kritisch te kijken naar de praktijk van de spoedeisende psychiatrie. Omdat het letterlijk om leven of dood gaat, heeft suïcidepreventie hierbij de meeste aandacht.

Data en tijden
Woensdag 30 maart, woensdag 6 april en woensdag 13 april 2022
Lesdag 1 en 2 van 9.00- 17.30 uur en lesdag 3 van 9.30-12.30 uur

Docent(en) 
Bert van Luyn en Steven Radsteake

Locatie:
RINO Groep, Utrecht

Inhoud
Inleiding in de diagnostiek, indicatiestelling en behandeling van kinderen, jongeren en volwassenen met genderdysforie.

De afgelopen jaren is de aandacht voor mensen die worstelen met genderidentiteitsproblemen sterk toegenomen. Niet alleen is daarmee het aantal personen dat medische hulp zoekt voor een genderbevestigende behandeling zeer fors gestegen, ook in het bredere veld van GGZ melden zich steeds meer mensen voor hulp. Deze sociaal-maatschappelijke verandering en de toegenomen genderdiversiteit en het thema transgender vragen dus ook van de aankomende GZ-Psycholoog om kennis en technieken hoe met deze groep hulpvragers om te gaan.
 
Deze cursus biedt een brede theoretische basis op het gebied van diagnostiek, indicatiestelling en behandeling bij personen met genderdysforie en de klinische uitdagingen daarbinnen. De cursist wordt uitgedaagd aandacht te geven aan genderdiversiteit en seksualiteit binnen de GGZ en reflecteert op diens waardevolle bijdrage aan transgenderzorgverlening als GGZ professional. De cursus heeft een sterk interactief karakter en maakt zowel gebruik van professionele deskundigheid als ervaringsdeskundigheid om kennis te vergroten. 

De eerste lesdag geeft een breed overzicht van het genderspectrum, ontwikkelingspaden en visies over etiologie van genderdysforie. De cursist krijgt zicht op veel voorkomende comorbiditeit en klinische uitdagingen binnen de transgenderzorg aan kinderen, jongeren en volwassenen.

Tijdens de tweede lesdag krijgt de cursist een introductie in de medische genderbevestigende behandelmogelijkheden. Daarnaast wordt het thema seksualiteit bij genderdysforie uitgebreid behandeld. Seksuologische problematiek, invloed van medische genderbevestigende behandeling op seksualiteit en het bespreekbaar maken van seksualiteit en genderdiversiteit in de spreekkamer van de psycholoog staan centraal.

De derde lesdag staat in het teken van personaliseren van de opgedane kennis. Cursisten kunnen eigen casuïstiek inbrengen en de docenten worden ondersteund door ervaringsdeskundigen die opgedane ervaringen met de cursusgroep delen en participeren in verschillende oefeningen.

Data en tijden
Donderdag 31 maart, donderdag 7 april en donderdag 14 april 2022 
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Thomas Steensma
Annelijn Wensing-Kruger


Locatie
Engels Conference & Meeting Centre, Rotterdam


Interview

'De impact van genderdysforie is groots’

Annelijn Wensing-Kruger vertelt over de keuzemodule die zij samen met Thomas Steensma verzorgt: 'Niet zelden komt genderdysforie met andere problemen. Het vergt veel lef om open te zijn over gendergevoelens en dat leidt soms tot sociale druk, gevoelens van angst en/of somberheid.'
Lees meer >

 

Inhoud
Jongeren met ernstige gedragsproblemen zijn zeer moeilijk te behandelen. De evidentie is dat met gezinsgerichte interventies zoals met RGT (relationele gezinstherapie), MST en MDFT het meeste effect behaald kan worden. Ook CGT kan effectief zijn maar het is zo moeilijk deze jongeren te motiveren om in behandeling te komen en te blijven. Outreachende zorg geeft dan de meeste kans, zeker ook als het systeem erbij betrokken wordt. Juist ouders, familie en omgeving (school) kunnen deze jongeren uiteindelijk beïnvloeden en positieve veranderingen bestendigen. Toch kiezen veel behandelaren ervoor om individueel te starten omdat dit het ' makkelijkst' of het 'veiligst' voelt. Het is spannend en eist veel van je om een gezin binnen te stappen waar zich veel conflicten afspelen, waar je de taal niet/beperkt van spreekt en de cultuur vaak zo anders is dan waar jij vandaan komt. Hoe introduceer je jezelf, wie adresseer je als eerste en waarom, wat zijn de eerste zaken die je bespreekt? Hoe ga je om met beschuldigingen naar eerdere 'foute' zorg, als ze jou klemzetten met eisen of boos op je worden? 

De drie dagen zullen ingaan op de meest voorkomende patronen in deze gezinnen, hoe je directief kan zijn zonder te beschuldigen, een werkrelatie kan opbouwen waardoor alle gezinsleden zich gehoord/begrepen kunnen voelen en samen met hen een thema kan bouwen over wat er met het gezin aan de hand is en waar de gedragsveranderingen logisch uit volgen.

De methodiek komt vooral voort uit de systeemtheorie en CGT. Mirjam en Erik zijn vooral opgeleid in RGT, maar zullen ook de interventies MST en MDFT bespreken.

Naast veel informatie en filmpjes zal er vooral geoefend worden, juist omdat systeeminterventies veel van je vragen op veel niveaus. Ook het non-verbale aspect van de werkrelatie zal met de cursisten besproken worden omdat cliënten juist in deze spannende gesprekken eerder op de non-verbale communicatie letten.

Data en tijden
Woensdag 30 maart, woensdag 6 april en woensdag 13 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Mirjam Heinemans
Erik Jongman


Locatie
RINO Groep, Utrecht


Interview

'Ook therapeuten kunnen soms vanuit goede intenties het verkeerde doen’

Mirjam Heinemans vertelt over de keuzemodule die zij samen met Erik Jongman verzorgt: 'In deze module leren deelnemers hoe ze met hun houding en laagdrempelige benadering een gezin met een pechdossier kunnen triggeren om in gesprek te blijven.'
Lees meer >

 

Inhoud
Wil jij je verder ontwikkelen op het gebiedvan verslavingen en stoornissen door het gebruik van middelen? Schrijf je dan in voor deze keuzemodule.

Verslavingen en stoornissen door het gebruik van middelen zijn frequent voorkomende aandoeningen binnen het werk in de verslavingszorg, forensische zorg en GGZ. De GZ-psycholoog dient op de hoogte te zijn wat het fenomeen verslaving inhoudt en hoe deze verschillende stoornissen te signaleren, identificeren en te behandelen. Hiertoe wordt een aanzet gegeven waarbij de patiënt alsmede de familie centraal staan.

Dag 1: Overzicht van evidence based verslavingsbehandelingen (oefenen met ervaringsdeskundige).

  • Inleiding
  • Doelen van de behandeling: abstinentie, reductie harm-reductie
  • Oefenen met diagnostiek en specifieke procedures gericht op de aanpak van verslaving: CRA en CM.
Dag 2: CGT, vaardigheidsblokken en motiverende gespreksvoering.

Dag 3: Speciale populaties: Dak- en thuislozen, FACT, jeugd, ongemotiveerde groepen.
  • Wat te doen bij stagnerende behandelingen en hoe contact te houden met de patiënt
  • Een intro in de aanpak van jeugd
  • Introductie in de CRAFT benadering (Video) + inleiding: een effectieve hulpbron voor familieleden.
Data en tijden
Maandag 28 maart, maandag 4 april, maandag 11 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Hendrik Roozen
Marloes Joren
Olivira Bolsius

Locatie
Engels Conference & Meeting Centre, Rotterdam

Inhoud
In deze drie dagen ga je de diepte in omtrent psychose. Voorkennis vanuit het reguliere psychose vak in de GZ-opleiding is wel vereist. Onderwerpen zijn: gespreksvoering bij mensen zonder ziekte-inzicht; gezinsgesprekken; traumaverwerkingstechnieken; modulaire CGT bij meervoudige co-morbiditeit; en meer. Wil jij beter worden in psychosezorg? En dan niet alleen theoretisch, maar zoals die er echt in de praktijk aan toegaat? Schrijf je in!
 
Dag 1 gaat volledig over het behandelcontact en het zoeken van de ‘haakjes’ om behandeling op gang te krijgen. Hoe praat je met iemand in een psychose? Hoe werkt dat als er helemaal geen ziekte-inzicht is? Hoe betrek je familieleden en voer je het gesprek met een gezin waarbinnen iemand psychotisch is? Vaak is er bij iedereen wel lijdensdruk, maar de ideeën over wat er moet gebeuren lopen uiteen. Docent Jolanda Batist heeft meer dan 10 jaar ervaring in dit werk, waarbij ze zich o.a. gespecialiseerd heeft in het contact maken en in gezinsgesprekken.

Op dag 2 ga je aan de slag met een eigen casus, liefst met psychose en meervoudige co-morbiditeit. Hoe begrijp je de klachten en stoornissen in onderlinge samenhang? Hoe begrijp je eventuele psychose symptomen bij dwang, angst, depressie, etc.? Daarna gaat het om de behandeling en keuzes daarin. Eén model richt zich op hoe je het met elkaar geïntegreerd aanpakt, een tweede model doet het modulair: modulaire CGT. Dit laatste lijkt met name zinvol voor cliënten met veelvuldige problemen, en waarbij een therapie van meer dan 20 sessies met lange termijn doelen vaak wordt doorkruist door afhaken, afleiding of crisis. Docent Hanneke Schuurmans heeft ruim 15 jaar ervaring met diagnostiek en behandeling van cliënten met psychose en EPA, in verschillende settings en met een diversiteit aan co-morbiditeit.
 
Op dag 3 wordt in de ochtend nader stilgestaan bij behandeling van cluster A persoonlijkheidsproblematiek, alsook psychose symptomen bij persoonlijkheidsproblemen in het algemeen. De middag staat in het teken van schematherapie- en traumagerichte technieken direct op psychose symptomen gericht. Docent Tineke van der Linden heeft naast behandelervaring op gebied van (combinaties van) psychose, PTSS en persoonlijkheids-problematiek ook eerder onderzoek gedaan naar EMDR gericht op stemmen. Ze promoveert nu op de 2e grote Nederlandse studie naar behandeling van trauma en psychose. Ook draait ze projecten op gebied van psychose symptomen bij persoonlijkheidsproblematiek.

Data en tijden
Vrijdag 1 april, 8 april en 15 april  2022
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Jolanda Batist
Hanneke Schuurmans
Tineke van de Linden

Locatie
RINO Groep, Utrecht
 

Inhoud
Wel eens nagedacht om je te specialiseren als klinisch neuropsycholoog? In deze keuzemodule krijg je in drie dagen een mooi overzicht van het werkveld en de werkzaamheden van de klinisch neuropsycholoog. Van specialistische diagnostiek tot behandeling na hersenschade of hersenziekte. Diverse docenten die werkzaam zijn binnen verschillende settings geven een masterclass over hun expertise-gebied. Aan het eind van de module heb je meer zicht op werken als ‘klinisch neuropsycholoog.
 
De docenten die een masterclass geven zijn Esther van den Berg, Lize Jiskoot, Ellen Nobel, Irene Huenges Wajer, Carla Ruis en Evelien van Valen. Het programma is divers en verdiepend: de rol van de neuropsycholoog bij wakkere hersenoperaties, diagnostiek en behandeling bij een subarachnoidale bloeding, expert diagnostiek bij frontotemporaal dementie, ontwikkelingen in de diagnostiek bij migranten, het vertalen van de bevindingen van een neuropsychologisch onderzoek naar een behandelplan en het onderkennen en bespreken van onderpresteren bij neuropsychologisch onderzoek.
 
Niet alle onderwerpen zullen dus meteen toepasbaar zijn in het dagelijkse werk van een GZ-psycholoog, maar hopelijk prikkelen ze je tot verdere ontwikkeling in de neuropsychologie. Overigens zijn de lessen te volgen als je het vak neuropsychologie nog niet in de GZ-opleiding hebt gehad.

Data en tijden
Dinsdag 29 maart, dinsdag 5 april, dinsdag 12 april 2022
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Volgt 

Locatie
Utrecht, RINO Groep

Inhoud
Benieuwd hoe de wetenschappelijke kijk op autisme in de loop der tijd is veranderd? Wil je meer weten over autisme bij vrouwen? Ben je benieuwd hoe je autisme helder kunt uitleggen? Wil je weten hoe je iemand die weinig initiatief neemt, in de actie krijgt? Schrijf je dan in voor de keuzemodule autisme, waarin je op de hoogte wordt gebracht van de nieuwste inzichten, zowel op gebied van diagnostiek als behandeling over de gehele levensloop.

Data en tijden
Donderdag 31 maart, donderdag 7 april en donderdag 14 april 2022 
10.00 - 17.00 uur

Docenten
Audrey Mol
Hetty Joustra

Locatie
RINO Groep, Utrecht

 
 

Inhoud
Vanaf onze geboorte tot onze dood hebben we relaties. Levensgebeurtenissen zoals overlijden van geliefden, onbevredigende relaties, verhuizingen, verlies van werk en/of traumatische gebeurtenissen worden door velen als ingrijpend ervaren. Centraal staat daarbij dat er verandering optreedt in hoe je je tot de mensen om je heen verhoudt. Interpersoonlijke psychotherapie stelt deze interpersoonlijke omstandigheden centraal. De hechtingstheorie is een belangrijke peiler waarop deze behandelmethode is ontwikkeld. Het bijzondere aan IPT is dat deze veel ruimte biedt aan de therapeut om vorm en inhoud aan de behandeling te geven, passend bij problematiek en aard van de patiënt. Een warme, open en respectvolle relatie tussen patiënt en behandelaar zijn kenmerkend.
In deze driedaagse cursus bespreken we de theorie van IPT,  demonstreren we een aantal interventies en gaan we daarmee in subgroepen ook oefenen.
Je kiest voor deze keuzemodule wanneer je:
•        Een leuke en stimulerende therapievorm wilt toevoegen aan je behandelarsenaal;
•        Interesse hebt in een andere manier van werken en denken dan in de meest gangbare behandelmethodes geboden wordt;
•        Jezelf een effectieve, eenvoudig toepasbare behandelvorm voor patiënten met een stemmingsstoornis (of PTSS) wilt aanleren;
•        Patiënten wil behandelen die soms moeite hebben met protocollaire behandeling vanuit de cognitieve gedragstherapie.

Docenten
Kosse Jonker en Guido Machielsen
 
Data
Dinsdag 29 maart, dinsdag 5 april en dinsdag 12 april 2022
10.00- 17.00 uur
 
Locatie
RINO Groep, Utrecht

 

Inhoud
In de keuze module 'De GGZ van de toekomst' staat het uitdragen van de boodschap dat nadenken over het verbeteren, vernieuwen en innoveren van de zorg bij het takenpakket van iedereen werkzaam in de zorg hoort. Hoe je hier invulling aan geeft is wisselend en kent veel vormen.

In deze drie-daagse module voor de GZ-opleiding wordt stilgestaan bij de noodzaak van innovatie, worden inspirerende voorbeelden besproken, maar worden daarnaast ook praktische tools aangereikt om direct mee aan de slag te kunnen gaan.

De opbouw van de module ziet er als volgt uit:

Dag 1: theorie over innovatie / inbrengen van een eigen verbeter idee of probleem uit de praktijk.

Dag 2: theorie over ontwerpen van oplossingen / aan de hand van een concreet probleem uit de praktijk aan de slag met deze ontwerp vorm.

Dag 3: theorie over hoe een eenmaal uitgewerkt idee succesvol te implementeren en vooral ook onderling bespreken welke valkuilen en hobbels er zijn op deze weg.

Leerdoel van de module is om naast de theorie over innovatie, vooral ook veel aansprekende casuïstiek samen te bespreken en zelf aan de hand van een voorbeeld uit de praktijk ook zelf aan de slag te gaan. Uiteraard om na de theorie en oefening uit de module deze mee te nemen naar jullie dagelijkse praktijk om hierin zelf met innovatie aan de slag te kunnen gaan.

Docent
Barbara Montagne
 
Data
Dinsdag 29 maart, dinsdag 5 april en dinsdag 12 april 2022
10.00- 17.00 uur
 
Locatie
RINO Groep, Utrecht

 

Interview

'Hulpverleners moeten beter worden in het meebewegen met verandering’

Barbara Montagne vertelt over de keuzemodule die zij verzorgt: 'Innovatie kent allerlei definities: verbeteren, vernieuwen, het succesvol implementeren van een idee. Veel mensen vinden innoveren spannend, want innoveren is ook experimenteren.'
Lees meer >

 


Inhoud
Ondanks het feit dat iedereen regelmatig met verschillende vormen van verlies te maken heeft, kan het erg moeilijk zijn om daar mee om te gaan. Zeker verlies door een overlijden kan tot grote psychische ontregeling leiden en daarnaast op onbegrip van de omgeving stuiten. Bovendien ervaren professionals in de klinische praktijk geregeld handelingsverlegenheid bij cliënten in rouw. Deze keuzemodule biedt een inzicht in hoe rouw door dood op verschillende leeftijden wordt ervaren en geeft aanwijzingen hoe dood bespreekbaar is te maken en, indien nodig, complicaties in rouw zijn te behandelen. Het is een ervaringsgerichte keuzemodule, waarin naast het bespreken van theorie aan de hand van voorbeelden uit de praktijk ook praktisch geoefend wordt. Het oefenen biedt de mogelijkheid om de eigen houding ten aanzien van de dood te onderzoeken, zodat de eigen rouwreacties of visies over de dood de behandelaar niet tijdens een sessie overvallen en beperken. Er is ruimte voor het bespreken van casuïstiek.
 
Opbouw:

  • De eerste lesdag: determinanten en mediatoren van een rouwproces van zowel kinderen als volwassenen. Hierbij komt onder andere de invloed van ontwikkeling tot volwassenheid en daarna aan de orde. De invloed van verschillende manieren van overlijden op rouw en culturele verschillen worden besproken.
  • De tweede lesdag: de zorgpiramiden bij rouw, het onderscheid tussen ‘normale’ en gecompliceerde rouw, diagnostiek en behandelingen voor verschillende leeftijden.
  • De derde lesdag: verschillende oude en nieuwe rouwmodellen. Hoe die als handvat – niet als harnas - kunnen worden ingezet bij begeleiding en behandeling. Het belang van het erbij betrekken van het systeem en suggesties hoe dat te doen komen ook deze les aan de orde.
Data en tijden
Vrijdag 1 april, 8 april en 15 april 2022 
10.00 - 17.00 uur

Docent 
Carine Kappeyne van de Coppello

Locatie
Utrecht, RINO Groep

Inhoud 
Kennis over slaap is bij veel psychologen beperkt en in de collegebanken wordt er niet of nauwelijks aandacht besteed aan slaap en behandeling van slaapstoornissen. Dat terwijl de invloed van slaap op soma én psyche enorm is en slapen met beweging en voeding de basispijlers voor een goede gezondheid zijn. Het is tijd om hier verandering in te brengen!
 
Achtergrond
Veertig procent van de Nederlanders slaapt slecht en bij 25% is er sprake van een slaapstoornis. Bij 75% van de mensen die binnen de GGZ in behandeling zijn spelen slaapproblemen een rol in de klachten.
Waar eerder werd gedacht dat slecht slapen een symptoom of gevolg was van psychische klachten, blijkt inmiddels uit steeds meer onderzoek dat slaapproblemen (mede)oorzaak zijn van allerlei psychische stoornissen. Slapeloosheid is zelfs de belangrijkste risicofactor voor het krijgen van een depressie. 

Iedereen slaapt, maar helaas slaapt niet iedereen goed. Slaapproblemen worden nog te vaak gezien als iets waar nu eenmaal weinig aan te doen is, of passend bij de reden waarvoor iemand zorg krijgt. Die aanname willen we graag ontkrachten. Met interventies die aansluiten op de doelgroep en de setting waarin deze doelgroep zich bevindt, kan de slaap verbeteren en daarmee de kwaliteit van leven van de cliënten. 
Zestig procent van de mensen met slapeloosheid krijgt slaapmedicatie voorgeschreven bij een eerste bezoek aan de huisarts. In klinische- en intramurale settings is dit percentage nog veel hoger, terwijl al jaren bekend is dat cognitieve gedragstherapie effectiever is en op langere termijn betere resultaten laat zien. Hoog tijd dus om slaap te integreren in onze behandelingen. En hoe je dat doet voor jouw cliënten? Dat leer je in deze keuzemodule. 
 
Wat leer je?
Na het volgen van deze driedaagse keuzemodule hebben PioG’s kennis over gezonde slaap, de mechanismen die de slaap reguleren, functies van slaap en over verschillende slaapstoornissen. Zij kunnen diverse problemen op het gebied van slaap herkennen, diagnosticeren en weten welke klachten ze kunnen behandelen en welke ze moeten doorverwijzen. Ze hebben concrete handvatten om slaapproblemen in hun eigen setting te behandelen, met de toepassing van interventies vanuit de cognitieve gedragstherapie (CGT-I) en oplossingsgerichte therapie, aansluitend op hun specifieke doelgroep. In de keuzemodule gaan we ervan uit dat de deelnemers bekend zijn met deze behandelmethodieken, waardoor we dieper op de inhoud van de specifieke behandeling van slaapstoornissen en -problemen in kunnen gaan. 

PioG’s leren o.a. wat ze bij zowel kinderen als volwassen cliënten kunnen doen bij slapeloosheid, parasomnieën, nachtmerries, het vermoeden op slaapapneu, cliënten met circadiane ritme problematiek, traumagerelateerde slaapproblemen, pavor nocturnus en bij vermoeidheid en slaapproblemen na een medische behandeling of bij NAH. Onderwerpen die verder aan bod komen: informeren en motiveren van je cliënt (en/of diens ouders) in de behandeling van slaapproblemen. En hoe kun je je collega’s meekrijgen bij het optimaliseren van de slaap van cliënten, zo mogelijk zonder slaapmedicatie
 
Data en tijden
Donderdag 31 maart, donderdag 7 april en donderdag 14 april 2022 
10.00 - 17.00 uur

Docenten 
Barbara Mulder en Isabel van Schie

Locatie
Utrecht, RINO Groep

Wil je meer informatie over de keuzemodules?