interview
25 februari 2021

'Bij mensen met een ernstige psychiatrische aandoening vervult de POH-GGZ eerder een coachende rol'

Steeds vaker krijgt de huisartsenpraktijk te maken met patiënten met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA). Wat kun je als POH-GGZ voor deze patiënten betekenen? Julia Machielsen werkt als verpleegkundig specialist ggz en POH-GGZ in wijkgezondheidscentrum Lunetten in Utrecht. In dit interview vertelt ze over de ééndaagse cursus ‘De patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) in de huisartsenpraktijk’ die ze bij de RINO Groep verzorgt.

Julia Machielsen
Julia Machielsen - verpleegkundig specialist, POH-GGZ en docent

Wat betekent de toename van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) in de huisartsenzorg voor de praktijkondersteuner?

Machielsen: ‘Als gevolg van veranderende inzichten heeft in de afgelopen jaren een verschuiving plaatsgevonden van de hulpverlening in de specialistische ggz naar de basis-ggz en eerstelijnszorg. De hulpverlening voor mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) komt hierdoor vaker bij de POH-GGZ te liggen. Het gaat hierbij met name om mensen bij wie de problematiek gestabiliseerd is. Dus mensen die al langere tijd geen terugval hebben gehad, die medicatietrouw zijn en op verschillende levensterreinen voldoende kunnen functioneren.
 
Deze verschuiving van de EPA naar de huisartsenzorg brengt voor de praktijkondersteuner een verzwaring van de problematiek met zich mee. Patiënten met een ernstige psychiatrische aandoening kunnen best een aantal jaren redelijk functioneren, maar blijven kwetsbaar voor een terugval. Met name wanneer veiligheden of daginvullingen wegvallen, zoals nu het gevolg is van de coronamaatregelen. Daar moet je als hulpverlener waakzaam voor zijn en tijdig op anticiperen.’
 

Welke aanpak van de POH-GGZ behoeven mensen met EPA?

‘Ernstige psychiatrische aandoeningen vragen om een andere insteek van de hulpverlening dan bijvoorbeeld bij herstel van een depressie. Mensen met een psychotische kwetsbaarheid, een ernstige persoonlijkheidsstoornis of autisme hebben blijvend ondersteuning nodig, ook als het relatief goed gaat. Je bent daardoor als hulpverlener minder bezig met 'beter maken' en meer met het ondersteunen bij herstel. Zodat patiënten ondanks de last die zij nog ondervinden van hun klachten, toch zo goed mogelijk verder kunnen met hun leven.

'Zorg voor een warme overdracht wanneer iemand vanuit de specialistische ggz wordt overgedragen aan de eerstelijnszorg.’

Julia Machielsen

Dit doe je door vooral te kijken naar de kracht van mensen: Wat willen ze bereiken? Wat hebben ze daarvoor nodig? Welke belemmeringen komen ze tegen en hoe kunnen ze die beslechten? Als hulpverlener werk je meer vanuit een presentiebenadering en vervul je eerder een coachende rol. En doordat je soms jarenlang met mensen meeloopt, bouw je vanuit deze rol ook echt een band met patiënten op. Zelf ben ik als hulpverlener ontzettend gesteld op mijn patiënten.’

Waar moet je als praktijkondersteuner extra op letten?

‘Als je als hulpverlener te snel gaat, raak je je patiënten kwijt. Mensen met EPA hebben vaak een tragere verwerkingssnelheid en vinden het moeilijk om te formuleren wat er in hun hoofd omgaat. Psychoses beïnvloeden bijvoorbeeld de concentratie en mensen met autisme vinden het lastig om informatie te filteren. Snel even iets afhandelen, kan dus niet. Daarom is het in gesprekken belangrijk om voldoende rust in te bouwen.
 
Wat voor de doelgroep EPA ook heel belangrijk is, is aandacht voor de somatiek. Deze mensen hebben over het algemeen een kortere levensverwachting en een hoger risico op diabetes en hart- en vaatziekten. Moderne antipsychotica vergroten dat risico nog iets meer. Het is dus belangrijk dat je, in overleg met de huisarts, waarborgt dat daar ieder jaar naar gekeken wordt. Veel hulpverleners hebben dit niet scherp, terwijl je als POH-GGZ juist korte lijntjes hebt met de huisarts en makkelijk kunt doorverwijzen.’
 

Waar ligt de grens van de mogelijkheden van de POH-GGZ?

‘Het is belangrijk om de grenzen van je verantwoordelijkheden te bewaken. Verwijs iemand die een ernstige terugval heeft, niet meer slaapt, stemmen hoort, wanen krijgt, of psychotisch, verward of suïcidaal wordt tijdig terug naar de specialistische ggz. Maak hierover duidelijke afspraken wanneer een patiënt vanuit de specialistische zorg wordt overgedragen aan de eerstelijnszorg. Zorg er daarom altijd voor dat bij de overdracht zowel de cliënt als casemanager aanwezig is. Bespreek samen waar iemand vandaan komt, bekijk het terugvalpreventieplan en maak afspraken over eventuele medicatie.
 
Daarnaast raad ik aan om veel energie te stoppen in je netwerk. Juist mensen met EPA zijn gebaat bij flexibele en adequate hulp op momenten dat zij tegen problemen aanlopen. Wanneer je veel hulpverleners kent, weet je wie je wanneer moet bellen. Zelf werk ik bijvoorbeeld veel samen met een sociaal psychiatrisch verpleegkundige, het buurt- of wijkteam, woonbegeleiding en herstelondersteunende hulpverleners. Samen kunnen we de best passende zorg verlenen.’
 

Voor wie is deze cursus geschikt en wat gaan deelnemers leren?

‘Voor alle POH-GGZ’ers die te maken hebben met EPA binnen hun doelgroep kan deze cursus dienen als opfriscursus of als basiscursus. Deelnemers vinden het vaak prettig om ernstig psychiatrische aandoeningen als psychose opnieuw te onderzoeken. Wat is het ook alweer? Wat is mijn taak als POH-GGZ? Waar moet ik als hulpverlener nou alert op zijn? Welke soorten medicatie zijn er? De stof van deze cursus geeft houvast, zodat je beter weet wat je als hulpverlener met bepaalde situaties moet.’
 

Heb jij interesse in de cursus 'De patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) in de huisartsenpraktijk'?