interview
2 oktober 2018

Kennis delen: essentieel voor innovatie van de ggz

De innovatie op TOPGGz-afdelingen is cruciaal voor de kwaliteitsontwikkeling van de Nederlandse GGZ. Voorwaarde is wel dat de kennis die deze koplopers ontwikkelen, landt in de praktijk. En juist daarin spelen opleiders als de RINO Groep een essentiële rol, benadrukt Ellen Mogendorff, directeur van de Stichting Topklinische GGz (TOPGGz). ‘Het is geweldig hoe tal van experts als docent bij de RINO Groep nieuwe inzichten delen met collega’s.’

Ellen Mogendorff

Pareltjes zijn het, de 41 ggz-afdelingen waar het TOPGGz-keurmerk aan de muur prijkt: super gespecialiseerde behandelplekken waar goed nooit goed genoeg is, en waar wetenschappelijk onderzoek wordt verricht naar nieuwe behandelingen.
Voor jonge meiden die aan hun eetstoornis dreigen te bezwijken. Voor mensen met onverklaarde lichamelijke klachten die geen kant meer uit kunnen. Voor gezinnen die moeten leren leven met een ernstig trauma. Voor mensen met een verstandelijke beperking en meerdere diagnoses die het leven ontzettend moeilijk maken. Kortom, voor al die cliënten die (vaak na een jarenlange behandelgeschiedenis) te horen krijgen dat ze uitbehandeld zijn, simpelweg omdat het behandelrepertoire van de reguliere ggz is uitgeput of tekort schiet.
‘Dankzij het werk op de TOPGGz-afdelingen ontstaat er juist voor deze patiënten nieuw perspectief op herstel en een leven met meer kwaliteit - ook als zij met hun aandoeningen moeten leren leven’, zegt Ellen Mogendorff.

Ook voor consultatie en advies


Maar niet alleen mensen met uiterst complexe (of zeldzame) psychische problematiek kunnen terecht op TOPGGz-locaties. Op deze behandelafdelingen kunnen ook behandelaren uit de reguliere ggz terecht voor deskundig advies van experts wanneer een behandeling stagneert.
Sterker nog, consultatie en advies is een belangrijke voorwaarde in de lange lijst van criteria om in aanmerking te komen voor het predicaat TOPGGz. Want nieuwe kennis ontwikkelen is nooit een doel op zich; dat ‘loont’ alleen als die kennis wordt overgedragen, zodat ook andere ggz-professionals/behandelaren daar hun voordeel mee kunnen doen.
Het is dus niet toevallig dat veel ‘toppers’ en boegbeelden als docent verbonden zijn aan de RINO Groep, zegt Ellen Mogendorff.
‘Naast patiëntenzorg en innovatief onderzoek is kennisoverdracht een van hun kerntaken. De RINO Groep biedt daar een uitstekend platform voor. Zij delen daar hun kennis en laten zo zien wat er voorbij de standaard richtlijn zorg nog meer mogelijk is. Zo zien beginnende en ervaren professionals welk beroep zij kunnen doen op de TOPGGz-afdelingen en wat zij daar kunnen halen wanneer ze vastlopen met hun eigen patiënten.’

Verantwoord filteren


Om te voorkomen dat deze gespecialiseerde afdelingen in no time dichtslibben met complexe patiënten - want die zijn er helaas heel veel - heeft de Stichting Topklinische GGz, samen met veel behandelaren uit het veld en het iMTA (onderdeel van de Erasmus Universiteit) een decision tool ontwikkeld, waarmee je in 5 minuten helder krijgt op welke behandelplek de behandeling van een patiënt de meeste kans van slagen heeft. Daarbij wordt met name gekeken naar de behandelgeschiedenis en de comorbiditeit.
‘Daar kan uitkomen dat iemand inderdaad voor hoog-specialistische zorg geïndiceerd is. Maar het kan ook aanleiding zijn voor een second opinion om te achterhalen of er wellicht achterliggende problematiek meespeelt die nog niet is herkend.’
Maar ook ondanks dit filter, kampen vrijwel alle TOPGGz-afdelingen met wachtlijsten. ‘Dat laat alleen maar zien hoe belangrijk consultatie en advies zijn,’ benadrukt Mogendorff. ‘Zo kunnen patiënten met ondersteuning vanuit de TOPGGz in de reguliere ggz onder behandeling blijven. Bijvoorbeeld door ze andere medicatie te verstrekken of een ander behandelprotocol te volgen.’

Positieve insteek


Naar schatting 5% van de ggz-patiënten heeft een hoogspecialistische zorgvraag - en dus behoefte aan diagnostiek en/of een behandeling op een TOPGGz-afdeling. Tot nu wordt daar echter nog maar 3,5% van alle ggz-patiënten behandeld; er is dus nog steeds ruimte voor meer TOPGGz-afdelingen, zodat er een nog grotere landelijke spreiding ontstaat. ‘Dat tekort treft met name patiënten met ernstig psychiatrische aandoeningen die ook vaak niet in staat zijn te reizen’, aldus de TOPGGz-directeur.
‘Denk bijvoorbeeld aan de grote groep mensen met een chronische kwetsbaarheid die door FACT-teams worden behandeld. Voor deze groep is veel meer perspectief mogelijk dan vaak wordt gedacht. Of omdat er ooit een verkeerde diagnose is gesteld. Of omdat er vanuit een soort defaitisme wordt gedacht dat dit het wel zo’n beetje is. Maar ook bij deze patiëntengroepen loont het om heel gericht te kijken waar wél verbetering haalbaar is, met name in kwaliteit van leven. Die positieve insteek is kenmerkend voor TOPGGz!’

Professionele trots


Om de effectiviteit van nieuwe behandelingen te kunnen meten, moeten de behandelaren op TOPGGz-afdelingen beschikken over uitstekende onderzoeksvaardigheden.
Mogendorff: ‘Ze moeten behandeluitkomsten niet alleen kunnen gebruiken voor evaluatie van individuele behandelingen, maar die ook op geaggregeerd niveau kunnen inzetten om het zorgaanbod te verbeteren. Dat vereist bijvoorbeeld dat ze een onderzoeksdesign kunnen inzetten. Ook dat is kennis die de RINO Groep aanbiedt. Belangrijk!’
Zo systematisch (leren) werken aan vernieuwingen versterkt de professionele trots van ggz-medewerkers - en dat is meer dan zomaar een aangenaam neveneffect, onderstreept Mogendorff.
‘We proeven die trots op alle afdelingen die het keurmerk hebben behaald. Dat leidt tot een enorme bevlogenheid om hun expertise over te dragen. En het motiveert anderen om ook zo ambitieus met hun vak bezig te zijn. Dat is een gezonde tegenhanger in een sector die zo onder druk staat van bezuinigingen, productienormen en administratieve lasten! En niet onbelangrijk: veel TOPGGz-afdelingen gebruiken dit ook om op de krappe arbeidsmarkt nieuwe collega’s aan zich te binden. Want hier kun je als jonge professional een stap verder zetten en jezelf doorontwikkelen…’

Meer weten?


De 23 ggz-instellingen waar de 41 TOPGGz-afdelingen zijn gevestigd, liggen goed verspreid, en ook behandel-inhoudelijk bestrijken ze een brede range aan problematiek. De informatie hierover op www.topggz.nl is niet alleen bestemd voor professionals, maar ook bedoeld als keuze-informatie voor patiënten, op basis van een richtlijn die zij hiervoor zelf maakten. Er staat bijvoorbeeld heel concreet aangegeven wat deze afdelingen te bieden hebben; welke innovatieve behandelingen er worden uitgevoerd; wat de behandeling heel praktisch voor de patiënten inhoudt; en wat de verwachte impact hiervan is.  En uniek: de bereikte resultaten en effecten, inclusief de waardering door patiënten zelf staat hierbij weergegeven.

Ook interessant voor jou