interview
1 februari 2019

‘Met het SADL-3 instrument kan het ziekte-inzicht van cliënten met niet-aangeboren hersenletsel gemeten worden.'

Recent publiceerde Brain Injury over het gebruiksgemak en de haalbaarheid van het SADL-3 instrument. Dit instrument, dat aan bod komt tijdens de cursus ‘Diagnostiek en behandeling van volwassenen en ouderen met hersenletsel’, maakt problemen op cognitief, communicatief, gedragsmatig en emotioneel gebied inzichtelijk. Arno Prinsen vertelt in dit interview onder andere over de totstandkoming van het SADL-3 instrument en welke voordelen het biedt voor zowel hulpverleners als cliënten.

Arno Prinsen
Arno Prinsen

Hoe is het SADL-3 instrument tot stand gekomen?

‘Ongeveer vijftien jaar geleden begreep ik als psycholoog niet goed waarom cliënten met hersenletsel mijn oplossingen en adviezen telkens afwezen. Waren mijn adviezen niet passend? Voelde de cliënt zelf weinig voor de oplossingen die ik aandroeg? Ik besloot me hier toen in te verdiepen. Dit resulteerde in het boek ‘Heb ik een probleem dan?’, waarin ik drie typen cliënten - de voorbijganger, de zoeker en de klant - beschrijf en passende interventies behandel. In samenwerking met Rudolf Ponds (hoogleraar Medische psychologie, red.) en Ieke Winkens (assistent professor, red.) heb ik vervolgens het Self Awareness in Daily Life instrument (SADL) ontwikkeld, om nog meer grip te krijgen op de verschillende ziekte-inzichten van de drie typen cliënten. Het SADL-instrument is makkelijk toepasbaar in de praktijk en is gericht op specifieke cliënten die écht hulp nodig hebben.’
​​​​​​​

Het instrument omschrijft per type cliënt verschillende levensgebieden. Wat zijn de overwegingen geweest bij de samenstelling van deze levensgebieden?

‘Iemand met niet-aangeboren hersenletsel behoort nooit tot één type cliënt, er spelen veel verschillende factoren mee. Zo kan een cliënt bijvoorbeeld nog prima zijn eigen administratie bijhouden, maar heeft hij moeite om in de supermarkt alle ingrediënten voor het avondeten te kopen. Daarom is het voor een hulpverlener belangrijk om op verschillende gebieden te kijken tot welk type een cliënt behoort. Om deze reden hebben we zeven levensgebieden samengesteld: gezinsrelaties en familiebanden, vriendschappen en sociale contacten, intimiteit en seksualiteit, ontspanning en eigen tijd, werk en dagbesteding, woon- en leefsituatie, en gezondheid en uiterlijk. De combinatie van levensgebieden en typen cliënten zorgt ervoor dat het instrument een soort matrixvorm krijgt. Met deze vorm kun je als hulpverlener direct zien op welke gebieden een cliënt zich kenbaar maakt als een bepaald type. En dus ook welke behandeling het meest geschikt is.’

Wat zijn de voordelen van het instrument voor zowel hulpverleners als cliënten?

‘Met het gebruik van dit instrument sluit je als hulpverlener beter aan bij de belevingswereld van de cliënt. Je stelt open vragen over hoe de cliënt zijn leven ervaart, zonder direct adviezen of oplossingen aan te reiken. Hierdoor bouw je een gezonde werkrelatie en vertrouwensband op. Tegelijkertijd kun je het ziekte-inzicht van de cliënt meten en vervolgens bepalen welke behandeling al dan niet geschikt is.’

Het gebruiksgemak en de haalbaarheid van het instrument heb je samen met Ieke Winkens, Annemieke Meijerink, Caroline van Heugten en Rudolf Ponds recentelijk onderzocht, met positieve resultaten. Dit onderzoek is ook gepubliceerd in Brain Injury. Wat was de grootste uitdaging bij dit onderzoek?

‘Hulpverleners stellen de cliënt voorop, zij willen hun kostbare tijd vooral steken in cliëntcontact en het leveren van goede zorg en begeleiding. Wanneer zij een aantal vragenlijsten moeten invullen, dan willen zij wel weten met welk doel dat is. Dit doel moet opwegen tegen de tijdsinvestering die ze moeten doen (die ten koste gaat van de cliënten). Gebleken is dat hulpverleners graag meewerken en bereid zijn een extra investering te leveren, als zij het probleem waar het onderzoek zich op richt (in dit geval verminderd ziekte-inzicht) herkennen, en als duidelijk wordt uitgelegd hoe het onderzoek kan bijdragen aan het verbeteren van de samenwerking tussen cliënt en hulpverlener en het leveren van betere zorg.’
​​​​​​​

Hoe wordt dit instrument gebruikt tijdens de cursus ‘Diagnostiek en behandeling van volwassenen en ouderen met hersenletsel’?

‘Tijdens de cursus leer ik deelnemers hoe ze het instrument kunnen toepassen en welke interventies hierbij aansluiten. Het contact bij cliënten met niet-aangeboren hersenletsel verloopt heel anders dan bij andere cliënten. Cliënten met niet-aangeboren hersenletsel zijn verward, onthouden weinig en hebben zelf niet altijd in de gaten wat er met hen aan de hand is. Het draait daarom grotendeels om het voeren van goede gesprekken. Ik leer deelnemers hoe zij cliënten op de best passende manier kunnen benaderen.’

Op dit moment is Arno Prinsen bezig met een vervolgonderzoek naar passende interventies die aansluiten bij het SADL-3 instrument.

Benieuwd naar meer informatie over de cursus 'Diagnostiek en behandeling van volwassenen en ouderen bij hersenletsel'?